Persbericht • 29 oktober 2026
Het groenste laden telt het minst
Wie zijn elektrische auto laadt met stroom van het eigen dak, rijdt schoner dan het gemiddelde. Een nieuwe uitleg van de Emissieautoriteit trekt die zonnestroom juist af. Wie geen zonnepanelen heeft, mag alles laten inboeken.
Brummen, 29 oktober 2026 • Zonnepanelen en een elektrische auto horen bij elkaar. Wie overdag laadt met stroom van het eigen dak, rijdt schoner dan de 50,5% groene stroom van het landelijke net. Dat extra deel telt voor ERE's al niet mee: een thuislader boekt in tegen het landelijke aandeel. Nu gaat er ook nog iets af.
Wat de NEa bekendmaakte
Vanaf 1 januari 2026 kunnen thuisladers geld verdienen met hun laadsessies. Deze opbrengst wordt gerealiseerd door zogenaamde emissiereductie-eenheden (ERE's) te verkopen aan brandstofleveranciers (die daarmee hun verplichting om te vergroenen nakomen). Een ERE is het bewijs dat je voor een deel zonder CO₂ reed: het groene deel van de stroom die je thuis laadt. Dat levert een gemiddelde thuislader zo'n € 530 netto per jaar op.
Op 28 oktober maakte de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) bekend dat een huishouden nooit meer mag laten inboeken dan het netto van het net haalt: "afname minus teruglevering". De NEa rekent het zelf voor: wie 3.000 kWh laadt, 2.500 kWh van het net afneemt en 500 kWh teruglevert, mag 2.000 kWh laten inboeken. Neemt een huishouden door zijn zonnepanelen netto minder af dan de auto laadt, dan telt alleen die netto afname.
Eigen verbruik helpt niet
Onder het plafond maakt het niet uit wanneer je laadt. Laad je overdag op je eigen zonnestroom, dan dalen je afname en je teruglevering met hetzelfde getal. Het saldo blijft gelijk, en daarmee ook wat je mag laten inboeken. Een thuisbatterij verandert er evenmin iets aan. Juist het laden met eigen zonnestroom levert onder het plafond dus niets extra op.
Hoe groter het dak, hoe groter het verlies
Bij Joulo, met ruim 32.000 klanten een van de grootste inboekdienstverleners van Nederland, hebben negen van de tien klanten zonnepanelen. Dat past bij het Nationaal Laadonderzoek 2025 van RVO: daarin heeft 90% van de thuisladers zonnepanelen. Een op de vier Joulo-klanten met panelen heeft 8 kWp of meer op het dak.
Zonder warmtepomp raakt het plafond vier van de vijf huishoudens met panelen. Bij hen telt gemiddeld zo'n 1.500 kWh niet meer mee, ongeveer 200 euro per jaar. Het hardst geraakt is wie veel panelen heeft en nog op gas stookt. Zo'n huishouden houdt niets meer over, en wie veel laadt, loopt tot zo'n 850 euro per jaar mis.
Van de Joulo-klanten met panelen heeft 44% een warmtepomp en 32% een thuisbatterij. Met een warmtepomp verbruikt het huis meer stroom zelf. Dan raakt het plafond ruim een op de vier huishoudens.
Over heel 2026 gaat het bij de klanten van Joulo naar schatting om zo'n 30 miljoen kWh, bij ruim 17.000 huishoudens: bijna vier miljoen euro.
Sander en zijn buurman
Neem Sander uit Zwolle. Hij heeft een rijtjeshuis met 5 kWp op het dak en geen warmtepomp. Zijn panelen leveren 4.500 kWh per jaar. Zijn huis verbruikt 2.850 kWh, waarvan 1.350 kWh rechtstreeks van het dak komt. De andere 3.150 kWh zonnestroom gaat het net op. Zijn auto laadt 4.100 kWh per jaar, vrijwel altijd 's nachts, dus uit het net.
Na een jaar staat op de meter van de netbeheerder: 5.600 kWh afgenomen en 3.150 kWh teruggeleverd, netto 2.450 kWh. Van de 4.100 kWh die het laadstation aan de auto gaf, telt dus nog 2.450 kWh. Zonder panelen had Sander zo'n 530 euro gekregen, nu ruim 300 euro. Zijn buurman zonder panelen, met dezelfde auto, krijgt de volle 530 euro.
En Sander weet het pas na 31 december, want de teruglevering op een zomermiddag gaat af van het laden op een winteravond.
Bij bedrijven telt zonnestroom juist dubbel
Een bedrijf dat zijn auto's laadt met zonnepanelen op eigen adres, mag die stroom voor 100% als groen laten inboeken. Een huishouden krijgt het landelijke gemiddelde van 50,5%. Bij een bedrijf telt de eigen zonnestroom dus dubbel, bij een huishouden gaat hij eraf.
Het plafond staat niet in de wet
Het Besluit energie vervoer, de Regeling energie vervoer en RED III rekenen alle drie met de kWh die aan het voertuig is geleverd. Die kWh wordt op het laadpunt gemeten en vermenigvuldigd met het landelijke aandeel groene stroom. Een aftrek van teruglevering komt er niet in voor.
Die staat alleen op de site van de NEa, als uitleg, en de verificateur toetst aan die uitleg. Op welke bepaling de aftrek rust, is een vraag aan de NEa en aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, dat de regeling opstelt.
"Wij boeken alleen in wat over vijf jaar nog standhoudt," zegt Trip. "Maar de uitleg van de NEa moet wel kloppen met de wet en met het doel ervan; dat is nu aan de NEa en het ministerie."
“Een ERE is het bewijs dat je schoner rijdt; dat bewijs wordt geleverd door de meter in het laadstation, tot op de kWh. De nieuwe uitleg kijkt niet naar die meter, maar naar de jaarbalans van het hele huis. Wie investeert in zonnepanelen, wordt dus gestraft. Dat is het omgekeerde van wat een regeling voor hernieuwbare energie in vervoer zou moeten willen.”